Cultuur en hockey tegen Rhein Ruhr

Onder de noemer ‘Cultuur en hockey Rhein Ruhr’ togen de Abrahams 20 oktober jl. richting Duitsland. Met revanchegevoelens, zou je zeggen, want vorige jaar werden we in eigen land, in Arnhem verslagen, en wel met cijfers die er niet om logen, 0-3. Toch bleek revancheren niet te appelleren bij een grote groep Abrahams, want Frank moest een stevige lobby-actie op touw zetten, om voldoende mannen op de been te krijgen. Gelegitimeerde ´laatste moment afzeggingen´, noopten zelfs tot het ‘afstropen´ van de ledenlijst van de Upward L-teams. Maar door het ´last-minute karakter´ werd steeds bot gevangen. Met Hans Maarten en Malcolm beschikten we uiteindelijk toch over 13 man.

Verzameld werd bij de Gasometer in Oberhausen voor het culturele intermezzo van de dag. Tijdens de heenreis vertelde Tim in geuren en kleuren dat hij nog wel eens Duitsland inrijdt, om de snelheidsgrenzen van zijn auto op te zoeken. Niet verbazingwekkend dat hij dacht naar de ´gatsometer´ te gaan. Tsja, ‘what’s on man’s mind’!

De Gasometer dus, is de grootste gashouder van het Ruhrgebied (bijna 120 meter hoog). Niet meer in bedrijf, maar als ‘industrieel erfgoed’, nu in gebruik als ruimte voor culturele manifestaties. We ontmoetten onze Duitse vrienden bij de ingang. Het is wel mooi hoe men elkaar over en weer inschattend beloert. Wat voor ‘vlees hebben we dit jaar in de kuip’, beter gezegd tegenover ons in het veld. Maar, veel is er niet van te maken.

In twee groepen werden we rondgeleid over de tentoonstelling in de gashouder ‘Der Berg Ruft’. Een tentoonstelling met prachtige grote foto’s over alle aspecten van de bergwereld. Ook animaties, en dus kon Wouter zomaar op 8.848 meter hoge top van de Mount Everest staan, en daarmee Gerard die eertijds tot ca 7.900 m kwam naar de kroon steken!

Hoogtepunt moest zijn een hoog in de gascilinder hangende omgekeerde Matterhorn in 3-d, die je in de spiegel op de vloer in zijn normale perspectief zag. Toch wel heel veel moeite zo’n berg zo te projecteren; “als die gewoon op z’n gat was gezet, met een trapje naar boven, had ik tenminste nog naar boven gekund”, knorde een bezoeker naast mij!

Vanaf het ‘topdek’ het Ruhrgebied, vanaf 120 meter hoogte bekijken, was voor de liefhebbers. Een adembenemend uitzicht. Lucas betrad daarbij alle bijna 600 traptreden, weliswaar in de afdaling! Dat de beenspieren nog een ander klusje te klaren hadden, was wel een acceptabel excuus.

Tijdens de heerlijke lunch voor het clubhuis aan het meer, in de prachtige najaarszon, groeide het aantal Duitse vrienden gestaag. Het aantal van ca 18 spelers, illustreerde hoe ‘gewild’ het spelen tegen de Abrahams is. En met zoveel doorwisselmogelijkheden lopen er steeds relatief ‘verse krachten’ in het veld!

Toen we op het veld stonden en de opstelling bespraken, werden zo her en der excuses gestameld, met halve of hele malheur. Een pijntje hier, een sluimerende blessure daar, lang niet gespeeld, …! Het leek er in de praktijk wel op of we maar met z’n elven waren. En dat terwijl bij de tegenstander bijna ‘gevochten’ moest worden om speelminuten te maken. Enfin, op hoop van zegen.

Na een traditionele bully tussen Klaus en Francine startten we voortvarend. We vingen de Duitse aanvallen keurig op, hielden het middenveld stevig in de greep, en flitsten af en toe door de defensie van de tegenstander. Mooi was dat ieder teamlid daarin zijn heel eigen rol had. Bas ijzersterk met stick, maar schuwde, heel leep, het voetenwerk niet, Hij brak het ritme van zijn tegenstander. Miguel ging aan de andere kant van het veld, ‘plat langs de zijlijn’. Hij verzuchtte daarbij ‘meer kan ik niet’, alsof hij alleen maar liggend opereerde. Ook hij was een ‘sta (lig!?) in de weg’, en droeg zijn steen bij. En Kees, die hield zoals altijd de ‘tramrails’, hoewel we die nu niet meer kennen. Glunderend merkte hij op, daarmee een verdediger uit het centrum naar de zijlijn te trekken…., en zo was het.

Malcolm bestierde het middenveld, en legde denk ik de meeste meters af. Zo’n ‘last minute’ kracht, ongelofelijk. Hans Maarten en Gijs (volgens mij de doelpuntenmaker – sorry als ik het fout heb), gaven richting aan de voorhoede met Maurits als stuwende kracht. We waren gelijkwaardig, maar minder succesvol in de afronding, bij overigens ‘dotten’ van kansen. Tsja, en dan ‘last but not least’ Ton. Gehandschoend schonk hij na afloop op de veld de jenever in de glaasjes, om daarmee een toost uit te brengen op de 2-1 overwinning van onze gastheren. Het was een mooie dag, daar in Duitsland, …. maar volgend jaar heren, dan sturen we onze Duitse buren, met een nederlaag naar het Ruhrgebied!

Gerard.

 

Geef een reactie